Groep 7: Zelfstandigheid aan de top!

In groep 7 verwachten we steeds meer zelfsturing (eigenaarschap) van de kinderen. Denk daarbij aan het plannen van je werk, zelf goed nakijken, het stellen van vragen, het kiezen van het juiste maatje en de juiste werkplek, het maken van een presentatie (gebruik van de tablet), enzovoorts. Hoe meer verantwoording kinderen daarin zelf nemen, des de groter de  ruimte die ze daarvoor krijgen. Dat hoeft dus niet voor alle kinderen hetzelfde te zijn. Voor het ene kind is dit natuurlijk makkelijker dan voor het andere kind. Hier wordt rekening mee gehouden.

Ook het noteren van verschillende toetsdata/activiteiten en huiswerk in de agenda gebeurt door de kinderen zelf. De kinderen moeten hun agenda iedere dag mee naar school nemen en ook weer mee terug naar huis. Toetsen en activiteiten worden tevens in de weekflits genoemd.
In groep 7 krijgen de kinderen wekelijks huiswerk mee. Dit zal voornamelijk gaan om spelling, rekenen en leerwerk voor toetsen. Het is belangrijk dat de kinderen het huiswerk maken en ook inleveren. Indien het huiswerk niet duidelijk is kunnen er gerust vragen over gesteld worden en is extra uitleg na schooltijd mogelijk.

De kinderen dienen zelf aan hun gymtas te denken. Het is dus niet de bedoeling dat u degene bent die de tas gaat halen. De consequentie is dan ook dat ze niet mee kunnen gymmen. Zo leren de kinderen zelf zorg te dragen voor hun spullen.

Onze lesdagen zullen voor het grootste gedeelte gevuld zijn met de vakken rekenen, taal, (begrijpend) lezen en spelling. Dit is dagelijks de basis. Daarnaast is er tijd voor Engels, creatieve vakken en zaakvakken. Natuurlijk wordt er twee keer per week gegymd. Af en toe zullen we een uitstapje maken en daarvoor zullen we uw hulp vragen. 

Hieronder leest u een beknopt overzicht waar we het komende jaar mee bezig zijn:

Rekenen
In groep 7 gaat het vooral om het automatiseren, hoofdrekenen, getallen en bewerkingen, meten, tijd, geld.  Bij het meten worden o.a. cm², dm² m² en cl geïntroduceerd. Er wordt gewerkt met kilogrammen en grammen.
In de voorafgaande leerjaren hebben de kinderen vooral de vaardigheden van rekenen geleerd. Nu gaan we vooral aan de slag met toepassen van de geleerde kennis. Dit maakt dat sommige kinderen het rekenen nu als moeilijk kunnen gaan ervaren, daar het in de schooljaren ervoor geen problemen opleverde.
 
Begrijpend lezen/taal/spelling
Voor begrijpend/studerend lezen gebruiken we "Grip op lezen", omdat het een zeer efficiënte didactiek hanteert. Kinderen leren begrijpend en studerend lezen aan de hand van 7 leesstrategieën. Daarmee krijgen ze handvatten om elke tekstsoort te kunnen lezen en interpreteren. 
Voor een goed begrip van de tekst legt Grip op lezen moeilijke woorden uit. Ook de tekstbegrippen, die nodig zijn bij begrijpend en studerend lezen, worden aangeboden. Kinderen moeten uiteenlopende teksten leren herkennen en interpreteren. Daarom bevat Grip op lezen een grote variatie aan tekstsoorten. Grip op lezen besteedt ook aandacht aan het vergelijken van informatie en meningen en aan opzoekvaardigheden. 

Naast de "gewone" lessen begrijpend lezen werken we ook aan Blits, een methode voor studievaardigheden. Hierin worden de onderdelen studieteksten, informatiebronnen, kaartlezen en schema's, tabellen en grafieken behandeld.
 
De taallessen hebben een vaste opbouw, van taalbeschouwing, woordenschat, grammaticale zaken tot stellen (het schrijven van verhaaltjes en gedichtjes). Regels die zijn aangeleerd in de afgelopen jaren worden herhaald, er komen een paar lastige regels bij, maar er wordt ook aandacht besteed aan de werkwoordspelling.

Zaakvakken
De zaakvakken lopen gewoon door. Met aardrijkskunde gaan we Europa verkennen. De methode besteedt aandacht aan de Europese Unie, klimaatkwesties en de aarde als geheel.
Met geschiedenis worden alle behandelde tijdvakken (vanaf de jagers tot de computertijd) worden herhaald en verdiept.
Bij iedere les van aardrijkskunde, natuur en geschiedenis worden de gemaakte opdrachten gezamenlijk besproken en nagekeken. We wijzen de kinderen erop om goed te verbeteren en antwoorden eventueel aan te vullen. Nu de kinderen in groep 7 zitten verwachten wij dus meer zelfstandigheid en een kritische blik op hun werk.

Het leren voor een toets doen de kinderen thuis met behulp van een samenvatting en het eigen werkboek. Het zoeken naar een goede 'leerplek' in huis, het maken van een goede planning en manieren om te leren zijn de eerste weken onderwerp van gesprek. Iedere dag even leren is beter dan één keer per week een hele middag. Daarnaast is het voor de kinderen belangrijk dat ze leren omgaan met de beoordeling. Tevreden zijn met het resultaat dat bij je past staat hierbij voorop.
 
Chromebook
Regelmatig werken de leerlingen op een chromebook, om de leerstof van zaakvakken, taal en rekenen nog eens op een andere manier in te oefenen.

Coöperatief leren
We proberen regelmatig diverse vormen van coöperatief leren in onze lessen te integreren. Hiermee beogen we o.a. het samenwerken te bevorderen, het leren kennen van elkaar en respect hebben voor elkaar.

Zelfstandig werken
Zodra de kinderen aan het werk gaan, wordt er gewerkt met een zelfstandig werk blokje. Op deze manier kunnen kinderen elkaar eventueel helpen of geven ze aan wanneer ze juist niet gestoord willen worden. Hierdoor zorg je ervoor dat de kinderen altijd op een effectieve manier aan het werk blijven.
De kinderen die in * niveau zitten, krijgen verlengde instructie, de ** kinderen zitten in de basisgroep en volgen de klassikale instructie en de *** kinderen krijgen verkorte instructie en extra uitdaging. In welke groep uw kind zit, kan per vak verschillen. Dit wordt u tijdens de kennismakingsgesprekken verteld.
We werken met de basisvakken taal, rekenen, (technisch en begrijpend) lezen en spelling op 3 niveaus. Op deze manier bieden we de kinderen de ondersteuning aan die ze nodig hebben.
 
Voorlopig schooladvies voor voortgezet onderwijs
Verder wordt in groep 7 een vervolg gemaakt richting de advisering voor voortgezet onderwijs in groep 8. Bij het voorlopig schooladvies (midden groep 7) en het definitieve schooladvies (midden groep 8) spelen de resultaten van de LVS-toetsen vanaf midden groep 6 een belangrijke rol. Dit geldt zeker voor de resultaten bij begrijpend lezen en rekenen. Dit laatste omdat de gegevens van begrijpend lezen en rekenen de speciale aandacht hebben van de scholen in het voortgezet onderwijs.
Uiteraard letten we bij het geven van een advies ook op andere zaken ( resultaten van de methodegebonden toetsen, motivatie en concentratie tijdens de lessen, leerbaarheid, huiswerkgedrag, mate van zelfstandigheid, sociaal gedrag). Het is echter belangrijk, dat de kinderen weten dat ze bij de LVS-toetsen optimaal hun best moeten doen.

Bij het eerste rapport gaan we als school en ouders gezamenlijk een eerste verkenning doen richting het schooladvies. We starten halverwege groep 7 met Tjoezz; een methode voor toekomstoriëntatie, schoolkeuze en voorbereiding op de brugklas. Daarmee gaan we dan in groep 8 verder.
Als u en uw kind het eens zijn met ons advies, is het duidelijk wat er moet gebeuren om dit advies te behouden. Als we van mening verschillen over het advies, blijft er nog een flinke periode in groep 7 over om te werken aan een ander eindadvies in groep 8.
Het voorlopig adviesgesprek is vooral coachend bedoeld. We geven dus zo duidelijk mogelijk aan wat o.a. de punten van extra aandacht zijn. Het is dan ook raadzaam om het gesprek in het bijzijn van uw zoon of dochter uit groep 7 te houden.
Bij het voorlopig schooladvies gaat het niet om ons 'gelijk', maar om het 'geluk' van uw kind en daarmee ook uw 'geluk'.
Onze adviezen zijn met name gebaseerd op: toetsresultaten, concentratie, motivatie, zelfstandigheid, leerbaarheid, huiswerkgedrag en sociaal gedrag.
Op grond van onze waarnemingen schrijven we een voorlopig schooladvies. We weten wat er in het voortgezet onderwijs gevraagd gaat worden van de kinderen. Op grond van die kennis en onze ervaring kunnen we vrij goed inschatten welk schooltype op het moment van het voorlopig schooladvies het best bij uw kind past. 
En nogmaals ... na het voorlopig advies volgt nog een flinke periode om te werken aan een door u en uw kind gewenst eindadvies.

LeerlingVolgSysteem 2017.
Ieder schooljaar maken de kinderen twee LVS-toetsperiodes mee. In groep 7 kunnen dit er zelfs drie zijn. De entreetoets (april/mei) kan hierbij namelijk ook meetellen. Zoals u hierboven hebt kunnen lezen zijn we van plan om verandering aan te brengen in het aantal genoemde toetsperiodes.
In de regel worden de LVS-toetsen afgenomen in de maanden januari/februari ( middentoetsen) en in de maanden mei/juni ( eindtoetsen).
Als het goed is, heeft u hiervan ook telkens de resultaten gezien middels de bekende grafieken.
Bij het voorlopig schooladvies ( midden groep 7) en het definitieve schooladvies ( midden groep 8) spelen de resultaten van de LVS-toetsen vanaf midden groep 6 een belangrijke rol. Dit geldt zeker voor de resultaten bij begrijpend lezen en rekenen.
Dit laatste omdat de gegevens van begrijpend lezen en rekenen de speciale aandacht hebben van de scholen in het voortgezet onderwijs.
Uiteraard letten we bij het geven van een advies ook op andere zaken ( resultaten van de methodegebonden toetsen, motivatie en concentratie tijdens de lessen, leerbaarheid, huiswerkgedrag, mate van zelfstandigheid, sociaal gedrag). Het is echter belangrijk, dat de kinderen weten dat ze bij de LVS-toetsen optimaal hun best moeten doen.
Zodra de planning van de toetsafnamemomenten bekend is, wordt deze in de kalender van groep 7 gezet.
Kinderen maken deze toetsen meestal het best als ze dit tegelijk kunnen doen met hun klasgenoten. Hopelijk kunt u daarom rekening houden met de toetsmomenten bij het maken van afspraken met bijv. de orthodontist o.i.d.

Welke toetsen worden afgenomen?
- Leestempotoets.
( De kinderen krijgen een tekst te lezen. In iedere zin staan drie woorden geselecteerd, waarvan één woord in de zin thuis hoort. Dat woord moeten ze kiezen. Het resultaat hangt af van het aantal gelezen zinnen en het aantal goed gekozen woorden. Het gaat dus om snel en goed lezen!)
- DrieMinutenToets.
( De kinderen krijgen een kaart met rijtjes woorden. Voor elke kaart die ze moeten lezen, krijgen ze één minuut. Ook hierbij gaat het om snel en goed lezen. Dit kun je oefenen m.b.v. bijv. de woordpakketten.)
- Begrijpend lezen.
( De kinderen krijgen een aantal teksten te lezen en moeten daarover vragen beantwoorden. Dit zijn multiple choice vragen. Altijd lastig, want in meerdere antwoorden lijkt wat goeds te staan. Uiteindelijk moeten ze telkens het beste antwoord kiezen.)
- Rekenen.
( De opgaven bestaan vooral uit verhaaltjessommen en opgaven n.a.v. bijv. een plaatje of een foto.)
- Spelling.
( Per toets staan bepaalde categorieën centraal. In groep 7 gaat het bijvoorbeeld bij de middentoetsen o.a. over: ou/au, 's, c als s, c als k, -heid, -teit, -lijk, -isch, ei/ij, -ig, i als ie-klank, y als j, y als i, y als ie, (vooral Franse) leenwoorden, x en woorden als vondst. Verder moeten ze weten welke woorden met een hoofdletter moeten worden geschreven.
Uiteraard staan veel van dit soort woorden in de woordpakketten van groep 7.)
- Woordenschat.
( Kinderen die veel lezen, dagelijks minstens minstens een kwartier per dag, leren automatisch de betekenis van veel woorden. Verder helpt veel met elkaar praten, bijv. tijdens uitjes, en uitleggen hierbij enorm.)

Wanneer hebben de kinderen een toets?
Toetsen worden in principe altijd op de groepskalender aangekondigd.
Die aankondiging is altijd ruim van tevoren, zodat er ook thuis eventueel met enige regelmaat kan worden geoefend.

Heeft thuis oefenen zin?
Oefenen heeft zin als dit in de vorm van herhaling wordt gedaan. Liever vaak en kort, dan weinig en lang.
Vaak en kort is goed vanwege de herhaling; door herhaling maken kinderen zich leerstof eigen. Met kort bedoelen we ongeveer een kwartiertje per onderdeel.

Tip!!!!!!!
Als kinderen de leerstof van aardrijkskunde, geschiedenis en natuur leren, kunnen ze dat het beste doen door eerst de leerstof precies te lezen en vervolgens moeten ze de leerstof in hun eigen woorden navertellen. De kinderen worden dan veel meer eigen met de leerstof.

Kinderen die vaak lezen, weten meer!
Elke dag een kwartiertje lezen levert al heel veel op, namelijk een toename van de woordenschat met ongeveer 1000 woorden per jaar. Bovendien gaan kinderen er beter door lezen en dat betekent ... genieten van lezen!

Woordenschat.
Woordenschat, het woord zegt het al: een schat van woorden. Als iemand de betekenis van veel woorden kent, begrijpt deze persoon beter wat hij of zij leest.

Hoe kom je de betekenis van een woord te weten?
- Als je een tekst leest, kom je moeilijke woorden tegen. Als je zo'n woord niet begrijpt, is het raadzaam om een aantal zinnen vóór en achter dat woord opnieuw te lezen. Daardoor kan de betekenis van een woord duidelijk worden.
- Het kan ook zijn, dat je in een woord iets bekends ziet. Neem het woord 'woordenschat'. Dit bestaat uit 'woorden' en 'schat'. Als je een betekenis aan die woorden kunt geven, begrijp je wellicht ook het hele woord.
- Je leest een woord waarvan je niet weet wat het betekent, maar je hebt het woord wel eerder gehoord of gelezen. Bijvoorbeeld het woord 'piste'. Je kent het woord van het circus en je kunt dan misschien raden wat ermee wordt bedoeld.
- Je kan de betekenis van een woord opzoeken.

Rekenen:
Als een kind de opdrachten van een rekenblok naar behoren heeft gemaakt, wordt hij/zij getoetst.
Zodra alle kinderen getoetst zijn, worden de toetsen in de computer ingevoerd. Daarna krijgen de kinderen hun toets met een beoordeling mee naar huis.

Als een kind de tafels goed kent, helpt dat bij heel veel rekenopdrachten enorm!!!!!!

Spelling.
Voor de methode Taalverhaal staat er bij de oefenwebsites een link van leestrainer. Daar kun je allerlei hulp vinden om te oefenen. Zo zijn ook de woordpakketten hierop te vinden. De woordpakketten met de 'moeilijke woorden' worden dit jaar eerst geoefend. De woordpakketten met de werkwoorden krijgen op een andere manier de aandacht.
Als u de woordpakketten thuis met uw kind oefent, richt u dan op de volgende pakketten:
1 t/m 4; 9 t/m 12; 17 t/m 20; 25 t/m 28; 33 t/m 36.
De kinderen krijgen telkens een nieuw woordpakket aangeboden, maar  er wordt ook vaak herhaald.

De werkwoorden krijgen apart aandacht en over een aantal weken worden ze vrijwel dagelijks kort geoefend.
- spelen, ik speel-de, ik heb gespeeld
- maken, ik maak-te, ik heb gemaakt
- antwoorden, ik antwoord-de, ik heb geantwoord
- wachten, ik wacht-te, ik heb gewacht
- lopen, ik loop/liep, ik heb gelopen

Wanneer schrijf je een werkwoord met dt?
- ik loop, hij loopt, dus ... ik word, hij wordt

EHBL: Eerste hulp bij leren.
Het kan voorkomen, dat u bij het helpen thuis tegen een 'probleem' aanloopt. U bent altijd welkom na schooltijd voor overleg, zodat het helpen zowel voor u als uw kind prettig verloopt.